Nieuwe studie gsm en tumoren niet geheel koosjer.

maandag, 08 december 2008 - Categorie: Berichten Internationaal

Bron: Indymedia.be

Nieuwe studie gsm en tumoren niet geheel koosjer.

BDS02 november 2008

Onlangs stond er in de kranten heel wat te lezen over het verband dat de zogenaamde Interphone-studie vond tussen gsm-gebruik en tumoren in het hoofd. Ondanks het feit dat er duidelijke risico’s aan het licht kwamen voor hersenkanker, tumoren op de gehoorzenuw en speekselkliertumoren, is het voorlopige eindrapport overmatig voorzichtig geformuleerd. Er werden in de studie verschillende methodologische fouten gemaakt die hebben geleid tot een onderschatting van de risico’s en ook bij deze studie was er weer bemoeienis van de industrie.

Interphone is een grootschalig epidemiologisch onderzoek, deels gefinancieerd door de telecom-industrie, dat liep in 13 verschillende landen. De studie werd afgerond in 2006 en de resultaten moesten eigenlijk al lang geleden gepubliceerd worden. Maar wegens meningsverschillen tussen de onderzoekers over de interpretatie van de gegevens is dit lange tijd uitgesteld geweest.

Verschillende afzonderlijke landenstudies werden reeds gepubliceerd in wetenschappelijke vakbladen, maar op 8 oktober maakte het IARC (International Agency for Research on Cancer), de dochterorganisate van de Wereldgezondheidsorganisatie die de studie coördineerde, dan toch de voorlopige resultaten van de studie in haar geheel bekend.

De resultaten liegen er niet om: zowel voor glioma (de meest dodelijke vorm van hersenkanker) als voor akoestische neuroma (tumor op de gehoorzenuw die o.a. tot doofheid kan leiden) werden significant verhoogde risico’s als gevolg van gsm-gebruik gevonden. Wat betreft meningioma (hersenvliestumoren) en tumoren van de speekselklier waren de gegevens onduidelijker. Alleszins vond het Israëlische luik van de studie, gepubliceerd in de American Journal of Epidemiology, dat ook speekselkliertumoren significant geassocieerd zijn met gsm-gebruik.

De meeste krantenartikels over deze studieresultaten waren heel expliciet over de verhoogde risico’s. De coördinatoren van het onderzoek zelf formuleren de resultaten heel wat voorzichtiger en genuanceerder. Maar het is goed mogelijk dat de krantenartikels de realiteit eigenlijk beter benaderen dan het omzwachtelde taalgebruik van de onderzoekers.

Er zijn verschillende redenen om te vermoeden dat er in werkelijkheid risico’s bestaan waar er in deze studie geen werden gevonden en dat de risico’s die wel werden gevonden in werkelijkheid groter zijn. De Britse organisatie Powerwatch analyseerde de studie en vond dat er tal van methodologische keuzes en fouten gemaakt zijn die hebben geleid tot een onderschatting van de eigenlijke risico’s (1). Die onderschatting blijkt heel duidelijk uit het feit dat sommige studies tot de absurde bevinding komen dat gsm-gebruik juist beschermt tegen tumoren…

Eén van de methodologische bedenkingen is dat de gehanteerde definitie van een ‘regelmatige gsm-gebruiker’ hoogst onrealistisch is. In de Interphone studie werd een ‘regelmatige gsm-gebruiker’ gedefinieerd als iemand die zijn of haar gsm minstens één keer per week gedurende minstens zes maanden heeft gebruikt. In realiteit echter belt de gemiddelde gsm-gebruiker minstens dagelijks. Door het feit dat slechts zeer occasionele gsm-gebruikers in dezelfde groep werden ondergebracht als normale en zware bellers, werd het reële effect van de gsm statistisch verdoezeld.

Bovendien, om na te gaan of er een effect is, moet de groep van bellers vergeleken worden met een controlegroep van niet-bellers. Het probleem is evenwel dat er nauwelijks nog een niet-blootgestelde groep bestaat. Zelfs mensen die nooit met de gsm bellen worden op straat, op de trein, op restaurant en eigenlijk overal steevast passief mee bestraald door gsm’ende mensen in de nabijheid. Daardoor wordt het verschil tussen de groep bellers en de groep niet-bellers kleiner en wordt het echte effect van gsm-gebruik onderschat.

Een overzicht van de andere methodologische keuzes/fouten is te vinden op de website van Powerwatch: www.powerwatch.org.uk/columns/morgan/20080108_interphone_design.asp

Waarom deze methodologische fouten? Is het weer van dattum? Heeft de industrie er zich weer mee gemoeid?

Ten eerste is het IARC een organisatie die de laatste jaren meer en meer in opspraak is gekomen omwille van hun opvallend industrievriendelijke houding, het gebrek aan transparantie over mogelijke belangenconflicten van de in dienst genomen onderzoekers en het gebruik van ontoereikende onderzoeksmethoden die de kankerverwekkende eigenschappen van schadelijke stoffen (doelbewust?) toedekken (2). Het voormalige hoofd van het IARC, Lorenzo Tomatis, en tientallen andere wetenschappers hebben niet zo lang publiekelijk hun bezorgdheid geuit over het feit dat vertegenwoordigers uit de industrie veel te nauw betrokken worden in het werk en de beslissingen van het IARC (3).

Voorts werd Interphone voor de helft gefinancieerd met geld van de telecomindustrie (3.5 miloen €). Dit hoeft op zich geen probleem te zijn, als de invloed van de industrie op het onderzoek zelf tegengegaan wordt. Volgens de IARC-verantwoordelijken van de Interphone studie was er wat dit betreft geen probleem omdat er stevige tussenschotten zouden voorzien zijn tussen de onderzoekers en de telecomoperatoren.

Hier kunnen echter vragen bij gesteld worden. Sommige nationale onderzoeksgroepen kregen ook extra geld van lokale telecombedrijven en in sommige gevallen bleek er wel een heel nauwe relatie te bestaan tussen de onderzoekers en de industrie. In Canada bvb. ontving de hoofdonderzoeker Dan Krewski directe financiering van de Canadian Wireless and Telecommunications Association (CWTA). Bovendien werd het onderzoekscentrum waar Krewski werkzaam is, opgericht met de genereuze steun van de CWTA. Wat nog meer is, Krewski is hoofd van het Wireless Information Resource Centre, betaald en mee beheerd door de CWTA. De website van dit resource centre wordt beheerd door Roger Poirier, de voormalige algemeen directuer van de CWTA. En om de cirkel rond te maken was Poirier ook een door het IARC betaald consultant voor de Interphone studie (3).

Geconfronteerd met deze feiten stelde Elizabeth Cardis, het hoofd van de Interphone-studie, dat hier naar haar mening niet gaat om een belangenconflict (3). Je kunt je afvragen wat het IARC dan wél verstaat onder belangenconflict...

Maar ook bij de integriteit van sommige onderzoekers uit de andere betrokken landen kunnen bedenkingen worden gemaakt. De Scandinavische en Britse onderzoekers bijvoorbeeld hebben eind 2005 de pers gecontacteerd met de sensationele boodschap dat gsm’s niet gevaarlijk zijn; een boodschap die de krantenkoppen haalde. Alleen, de onderzoekers hebben er om een of andere manier niet bij vermeld dat deze stelling enkel betrekking had op de risico’s op korte termijn en dat hun data in feite uitwezen dat er na 10 jaar gsm-gebruik wel degelijk een verhoogd risico op tumoren was (een stijging van 80%). Gevraagd naar deze merkwaardige weglating gaven de onderzoekers het al even merkwaardige antwoord dat ze de boodschap ‘simpel wilden houden voor het brede publiek’ (4). Een andere onderzoeker, Prof. A. Ahlbom uit Zweden, toevallig of niet één van de vermelde Scandinavische onderzoekers, is dan weer een voormalig consultant voor de tabaksindustrie (5), met andere woorden, iemand die in ruil voor een smak geld bereid is zijn ethische en wetenschappelijke integriteit aan de kant schuiven.

Het is duidelijk dat ook de Interphone-studie allesbehalve koosjer is.

Men had gehoopt dat deze studie eindelijk duidelijkheid zou brengen. Jammer maar helaas. In sommige landen werden dan wel duidelijk verhoogde risico’s gevonden, er bestaat geen twijfel over dat het eindrapport zal overlopen van omzwachtelde en overmatig voorzichtige formuleringen.

De bedoeling van de telecom- en wireless-operatoren is simpelweg om de wetenschappelijke discussie zo lang mogelijk laten aanslepen. Op dit moment proberen ze bij wijze van afleidingsmanoeuvre alle aandacht te richten op hersentumoren. Zo lang er gepalaverd wordt over hersentumoren, wordt de aandacht afgeleid van de andere manieren waarop de hersenen beschadigd worden (o.a. verminderde cognitie) en de effecten van blootstelling aan straling van een lager vermogen (gsm/umts/wimax-antennes, WiFi, etc.).

Zo lang men geen ingrijpende maatregelen begint te nemen om wetenschap los te trekken uit de greep van de industrie en om geldbeluste wetenschappers te weren uit onderzoek dat de gezondheid van miljoenen mensen aanbelangt, zal de wetenschappelijke discussie inderdaad tot in den treure blijven aanslepen en zullen politici zich blijven verschuilen achter de nood tot ‘meer onderzoek’.

Laat ons dus genoegen nemen met de overvloedige aanwijzingen voor schadelijkheid die onafhankelijke wetenschappers ons nu al bezorgd hebben en eindelijk overgaan tot daadkrachtige maatregelen.

(1) zie www.powerwatch.org.uk/columns/morgan/20080108_interphone_design.a...
(2) – www.cspinet.org/integrity/iarc.html
- Adrian Burton, ''Is Industry Influencing IARC to Downgrade Carcinogens?'' Lancet Oncology, 2003;4(1):4: cspinet.org/integrity/pdf/Lancet_Oncology_on_IARC_Jan_03.pdf
- John Luoma, ''Under the Influence: Is Industry an Inside Player at the Leading Carcinogen Research Center?'' OnEarth Fall, 2002: 35-36: www.nrdc.org/onearth/02fal/iarc.asp
(3) www.cbc.ca/consumers/market/files/health/iarc/pagetwo.html#
(4) www.next-up.org/pdf/InterphoneAnalysisMintMagazineYafaShirRazVide...
(5) ec.europa.eu/health/ph_risk/committees/04_scenihr/docs/scenihr_mi...

Links:
www.beperkdestraling.org .

Download:
Tips verantwoord gsm-gebruik v2 ZW WIT.pdf'.



Lees verder in de categorie Berichten Internationaal | Terug naar homepage | Lees de introductie