StopUMTS Logo
how to get rid of moles 
Zoeken
   
Voorlichting
06/11/17Beschermen tegen de ra
12/10/17Meetspecialisten, meet
Artikelen
20/11/17E-smog Stress im Auto
18/11/17Vuile stroom (netvervuili
16/11/17ADHD is meer een probleem
16/11/17Mobile phones cause letha
16/11/17Mt Nardi Wildlife Report
15/11/17Cell Phone Headaches –
Berichten Nederland
22/11/17Omwonenden zendmast Noord
19/11/17De iPad-school van Mauric
18/11/17KWF collecteert met stral
16/11/17Promotie van een psycholo
16/11/17Toename van klachten in N
Berichten België
14/11/17Hoe gezond of ongezond is
24/10/17NMBS-baas Sophie Dutordoi
Berichten Internationaal
18/11/17IARC-WHO: Global burden o
18/11/17Duits verbod op 'slimme'
14/11/17De stralingsbelasting en
09/11/17Bill Gates and Steve Jobs
Ervaringen | Appellen/oproepen
17/11/17Alice kan niet tegen stra
12/11/17Afscherming, voor sommige
05/11/17TV met WiFi; een ervaring
Onderzoeken
22/11/17Mobile Phone-Induced Oxid
21/11/17Computerspiele wie ''Worl
19/11/17Microwaves in the cold wa
Veel gestelde vragen
13/05/17Vakantie? Witte zo
10/07/16Zeven veel gestelde vrage
Juridische informatie
08/11/17InPower Movement: Early r
19/10/17The precautionary princip
11/10/17Telekom warns of (its own
Oproepen
29/11/17Raadsmarkt ZENDMASTEN &
11/11/17Cursus ‘Straling meten
29/10/17Petitie: Geen uitbreiding
Folders
10/09/17Brochures, folders, websi
29/04/16USA: Meer dan 50 tips voo
Briefwisselingen | Archief: 2008, 2005
10/07/17Brief naar de gemeente C.
14/06/17Mail naar 'De Monitor' na
Illustraties
 Algemeen
 Fotoalbum zendmasten
 Wetenschappelijke illustraties
“Wat is eigenlijk bouw- en woonbiologica?”    
Ga naar overzicht berichten in: Veel gestelde vragen

“Wat is eigenlijk bouw- en woonbiologica?”
maandag, 04 september 2000 - Dossier: Algemeen


Bron: WOHNUNG+GESUNDHEIT, nummer 59, 1991 en nummer 136, 2010

Auteur: Wolfgang Maes

Vertaling voor Stopumts: Peter Gabriël Visser

“Wat is eigenlijk bouw- en woonbiologica?”

Mijn oude moeder is op bezoek, ze vraagt niet alleen, maar verwacht ook een antwoord. “Tja”, hoor ik mezelf zeggen en ben bang dat ze daar geen genoegen mee neemt. Ik leg mijn taartvork terzijde. “Weet je, bouw- en woonbiologica is…” probeer ik, maar ze onderbreekt me: “Je was 17 jaar bij de krant, je hebt als redacteur goed verdiend, je had een degelijk beroep, een mooie auto van de zaak en toekomstperspectief”. Zo denken moeders. “En nu dit: bouw- en woonbiologica. Je werkt alleen nog maar, je hebt nauwelijks vakantie, nooit tijd, geen zekerheid. Waar ben je toch mee bezig, mijn jongen?” “Ik bekommer mij om zieke woningen.” Er viel me niet zo snel iets beters in.

Haar gezicht blijft vragend. “Ik bezoek mensen thuis of op hun werk met mijn koffer met veel meetapparatuur. Daarmee laat ik zien wat in die ruimte eventueel ongezond is.” “Hhmm”, mompelt ze en kijkt over de rand van haar bril. “Wat is dan ongezond in huizen?” Heel veel: “Elektrosmog, straling, dikke lucht, gif, bacteriën, schimmels, het bedorven woonklimaat… De meeste mensen zijn slecht geïnformeerd, doen daardoor veel verkeerd. Het ene is belastend, verlaagt de levenskwaliteit, veel is schadelijk en maakt ziek, sommige zijn gevaarlijk, zelfs levensgevaarlijk. Heel veel is kunstmatig, nauwelijks nog natuurlijke materialen.” “Is dat in gewone huizen?” “Helaas heel vaak; ik onderzoek, maak mensen bewust, verklaar en stel verbeteringen voor om belasting van het woonklimaat te reduceren. Voor een arts is de mens een patiënt en voor een bouw- en woonbioloog is een woning de patiënt.”

Moeder toont zich nu echt geïnteresseerd: “Waarvandaan komen die mensen dan bij jou?” “Veel worden door artsen doorverwezen omdat ze ziek zijn, bijvoorbeeld ademhalingsproblemen door schimmel, zenuwpijnen door giftige stoffen of hoofdpijn als gevolg van elektromagnetische velden. Sommigen gewoon omdat ze geen risico willen nemen en graag gezond blijven. Weet je nog dat ik zo ziek was een aantal jaren terug, toen heeft mijn huisarts mij een slaapplaatsonderzoek aangeraden. Na het onderzoek door een bouw- en woonbioloog heb ik e.e.a. veranderd en werd weer gezond. Dat was een eye-opener voor mij en heeft ervoor gezorgd dat ik nu bouw- en woonbiologica adviseer.” “Klopt, ik weet het nog, je was ziek en werd weer gezond, gelukkig.”

Op haar hoofd vormt zich nu een zorgelijke frons. “Kan je daarvan leven jongen?” Moeders maken zich altijd zorgen. “Ja zeer goed. Misschien niet zo goed als journalist destijds, maar dat geeft niet. Ik doe iets wat zin heeft, waarin ik geloof, wat ik niet als beroep maar meer als roeping ervaar en dat is voor mij belangrijker. Ik leef van dat wat voor mij bevredigend is en niet van iets wat me opgedragen wordt.” Ik word enthousiast: “Ik kan me geen spannender beroep voorstellen. Ik ben vrij, onafhankelijk. Deze combinatie van onderzoek en creativiteit in een richting die nog niet vastgelegd is, waar nog veel te ontdekken valt, waar nog dagelijks nieuwe problemen aan het daglicht komen, steeds nieuwe verrassingen en dat gecombineerd met inlevingsvermogen en verantwoordelijkheidsgevoel, dat maakt bouw- en woonbiologica zo aantrekkelijk.”

Ik voeg daaraan toe: “Bouw- en woonbiologen zijn kritisch, moedig, maatgevend en niet kinderachtig. Daarbij genomen de ontelbaar vele reacties van zieken die na bouw- en woonbiologische acties gezond werden, waarmee duidelijk is hoe belangrijk dit beroep is, hoe bevredigend en hoe onmisbaar in deze tijd. Weet je, dat noem ik geluk.” Ik adem in. Moeder glimlacht. Ik ken deze uitdrukking. Ze is tevreden en gerustgesteld. Ze draait zich naar mijn vrouw en verliest zich in complimenten over de zelfgebakken appeltaart.

Ontspannen leun ik in mijn stoel, sluit de ogen en overleg. In gedachten herhaal ik moeders vragen en overdenk mijn relatie tot bouw- en woonbiologica. Bouw- en woonbiologica is een samengestelde term. Door bouw ontstaat een woonomgeving, een ruimte, een thuis, een warm nest. Bios is leven en logos de natuurlijke ordening, de harmonie. Bouw- en woonbiologica betreft de ruimte waarin wij leven, onze leefruimte, onze huis en haard in mogelijkerwijs natuurlijk evenwicht. Zo ja, prima. Zo niet, wat kan er dan gedaan worden om het natuurlijke evenwicht te herstellen?

Bouw- en woonbiologica: de studie van gezond wonen, van een natuurlijke en mensvriendelijke woon- en werkomgeving. Een ruimte die, met weinig risicofactoren, ons leven, onze gezondheid en onze vitaliteit ten goede komt. Bouw- en woonbiologica: een jonge wetenschap. Is laat ontstaan, misschien te laat. Veel antwoorden zijn inmiddels mogelijk. Sommige antwoorden nog open. Ettelijke vragen nog niet gesteld. Jarenlange ervaring en talloze bouw- en woonbiologische onderzoeken hebben inmiddels plaats gehad. Vele medemensen konden geholpen worden. Hun lijden verdween tezamen met hun elektrische, magnetische, radioaktieve, geologische, giftige, mikrobiologische of binnen-klimatologische huiselijke omgevingsbelasting. Patiënten en doktoren zijn enthousiast. Ik ook! Milieu begint thuis. Thuis waar het ’t belangrijkste is, wordt het minst gedaan. Maar juist hier loopt men het grootste risico. Hier brengt de mens de meeste tijd door, meer dan waar ook. Hier tijdens de regenererende slaapfase is de geest en het lichaam bovenmatig ontvankelijk.

Ons huis dient een herstellingsoord te zijn, verfrissend, bescherming biedend tegen de alledaagse belastingen. Die twee vierkante meter bed vormen het brandpunt want hier wordt ont-spannen, bijgetankt, geregenereerd, gerepareerd. Een gezonde slaap heelt. Juist thuis wordt rijkelijk binnengehaald wat ons belast, wat onze gezondheid schaadt en de ziektekostenverzekering veel geld kost. Het bedrijfsleven kan trots op ons zijn: wat geproduceerd wordt consumeren we braaf, koste wat het kost. Alles hebben, alles kopen: de niet te bevredigen industrie kan rustig op u bouwen, u niet te bevredigen consument en kan trots zijn op de politiek die deze industriële interesse boven alles steunt en zonder problemen afscheid neemt van mens- en natuurwaardige normen om economische groei ten koste van volksgezondheid te realiseren.

Mag economische groei het ultieme doel zijn? Hoelang en waarheen zal de economie nog moeten groeien? En alstublieft, om welke prijs? Wat laten wij onze kinderen na? De politici verschuilen zich intussen achter wetenschappelijke onderzoeken die door de industrie betaald zijn. Elektrisch bedienbare bedden, vaak erger dan een cockpit: stress door spanning en stroom. Steeds meer draadloos en antennes zowel binnens- als buitenshuis: stress door elektromagnetische straling. Lang leve de plasticindustrie, kunststof rondom: stress door statische elektriciteit. Staal in bed en bouwconstructies: stress door magneetvelden. Voortdurend beeldschermen voor je neus, overdag PC en ’s avonds TV: stress door beeldfrequentie en oogproblemen door te weinig knipperen. Gif in meubels, vloerbedekking, verf en kleefstoffen, stevig ingepakt in beton met isolatieglas en nu nog de ramen lekker dicht. Dikke lucht, leefklimaat naar de knoppen. De schimmel jubelt, gevaarlijke kooldioxide neemt toe en de nuttige luchtionen slaan op de vlucht.

Geen wonder dat ons immuunsysteem op de knieën gaat terwijl de ziektekostenverzekeringen roepen: “één op de drie is milieuziek!” Geen wonder dat wij steeds gevoeliger, steeds zwakker, steeds kwetsbaarder en steeds weerlozer worden. Geen wonder dat wij geestelijk en lichamelijk zo gemakkelijk, door het beroemde laatste druppeltje, gaan overlopen. Vooruitgang en civilisatie hebben bijwerkingen. Evenals medicijnen voor zinloze bestrijding van talrijke en meestal eenvoudig te voorkomen welstandsziekten.

Waar blijft de wetenschap? Die verpulvert grote sommen belastinggeld om te bewijzen dat iets zichtbaar schadelijks onschadelijk is. De wetenschappers degraderen zich tot handlangers van de industrie en geven hoog op van deze vorm van handlanger zijn. En wij geloven nog steeds in de alwetendheid van de wetenschap. Eén procent weten ze, niet meer en ze weten in 80% van alle gevallen niet waardoor ziektes ontstaan, wat de oorzaak is of waardoor mensen verliefd worden, ganzen naar het zuiden trekken, palingen naar de zee van Saragossa en hun jongen weer terug in het IJselmeer.

Ze hebben geen idee hoe de onophoudelijke, geraffineerde, destructieve, vernietigende, criminele uitbuiting van de natuur door de mensheid nog veranderd, gestopt of zelfs maar beheerst kan worden. Er is zoveel nog niet onderzocht. Wanneer de oneindig vele natuurlijke en levensnoodzakelijke atmosferische- en milieu-invloeden in hun werking op de mens en al het leven op deze planeet nauwelijks bekend zijn, hoe kan ik dan verwachten dat de oneindig vele moderne, kunstmatige, milieu belastende producten in hun werking bekend zijn?

Waar zijn onze medici? Zij merken als eersten dat de mens steeds zieker wordt, steeds meer jonge mensen en kinderen komen met chronische verschijnselen. In de meeste gevallen kunnen ze slechts symptoombestrijding toepassen, geen ziekte verhelpen of oorzaken wegnemen. Het is belangrijk dat veroorzakers onderkend worden en aangepakt. Gezien vanuit het standpunt van geneeskunde is het een grove fout om woon- en arbeidsomstandigheden buiten beschouwing te laten bij de diagnose.

Waar blijven de ziektekostenverzekeringen? De ziektekosten exploderen en worden afgewenteld op de patiënt, op het volk. Op vrijwel elke hoek van de straat vind men huisartsen, natuurgenezers, psychotherapeuten of apotheken en in de stad telt elke vierkante kilometer minstens duizend lieden die allen hun handen vol hebben. Probeert u maar eens op korte termijn een afspraak te maken.

Waar blijven de dames en heren journalisten? Over elke scheet wordt geschreven, dat daar een brommer omgevallen is en dat die weer een kilo toegenomen is. Maar deze, ons allen betreffende, grenzeloosheid van normen en waarden is niet spectaculair. (De in Nederland toegestane GSM-belasting is 100.000 maal hoger dan noodzakelijk voor een goed GSM-ontvangst.) Niet interessant om te schrijven over de risico’s van GSM- en UMTS-straling of de milieubelasting van deze toestellen bij vervaardigen en vernietigen zolang de fabrikanten nog enorme reclame-inkomsten genereren en het directiebeleid deze persvrijheid niet toestaat.

Waar blijft het protest van leerkrachten? De lobby van draadloze apparatuur levert de leerstof.
Waar blijven de dominees en priesters? “Maak de aarde tot uw woongebied” maar toch niet op die manier! Godsdienst betekent God een dienst bewijzen en dit heeft meer weg van verachting.

Bouw- en woonbiologica bewijst zich vanuit de praktijk. Feiten blijven ook dan feiten terwijl wetenschappers na het zoveelste wereldvreemde theoretische laboratoriumonderzoek nog steeds geen sluitend en eenduidig bewijs kunnen leveren. Bouw- en woonbiologen brengen kennis en ervaring mee, onderzoeken, meten, analyseren, testen, letten op, adviseren en verbeteren. Zij houden zich niet bezig met provoceren, lamenteren en zwartmaken maar pakken aan en helpen oplossen.

Bouw- en woonbiologie wil niet strijden maar handelen, snel en ongecompliceerd. Bouw- en woonbiologica staat nog in de kinderschoenen maar dat verhindert ons niet om met dat wat bekend is te werken ten behoeve van mens en milieu. De beste garantie, borg, advocaat en maatstaf voor bouw- en woonbiologisch ageren is de natuur. Is die in orde dan zijn wij ook in orde. Is de natuurlijke ordening verstoord, dan is het stom te geloven dat dit voor ons in de loop der tijd geen gevolgen zal hebben. Steeds wanneer de levensvriendelijke kosmos in zijn fundamentele harmonie gestoord wordt ontstaat er een levensbedreigende chaos. Ieder ingrijpen in het natuurlijke verloop der dingen leidt vroeger of later tot fatale gevolgen. De natuur wreekt zich niet, ze re…ageert bio…logisch.

Laat de natuur met rust. Ze kan niet verbeterd worden, alleen verslechterd. De natuur behoeft geen bijles. De natuur gebruikt ons niet, wij gebruiken de natuur. De natuur is perfect, al wat leeft een wonder en de aarde een paradijs, alleen de mens is onvolmaakt, is werk in uitvoering! Voedingsdeskundigen riepen: “laat uw voeding zo natuurlijk mogelijk zijn!” en een wereldwijde golf van vraag naar gezonde voeding was het gevolg. Bouw- en woonbiologica roept: “laat uw slaapkamer zo natuurlijk mogelijk zijn!” en een wereldwijde golf van gezond wonen is het gevolg.

De tijd is rijp, misschien zelfs overrijp. Van Alaska tot Vuurland, van Siberië tot Australië, op bergen en in dalen nergens in de natuur is een levend wezen te vinden met een elektrisch lichaamspotentiaal van ettelijke Volts, nergens lichten technische microgolven in biologische organismen, nergens wijst de kompasnaald naar het zuiden, nergens geeft het Permetrin, PCP, Lindaan, PCB, PAK of 2000 ppm kooldioxide, nergens vonken lichamen door synthetische stoffen. Nergens sinds het ontstaan van onze wereld. Alleen bij tante Frieda in bed en in vrijwel elke slaapkamer, bij kinderbedjes en volwassenen slaapplaats, meten we hogere elektromagnetische veldbelastingen dan toegestaan bij computers.

Maar onze briljante politieke- en wetenschappelijke denkers proberen met al hun inzet het onbewijsbare te bewijzen: “Het kan geen kwaad”. Net zoals asbest geen kwaad kon en dieselroet, Tschernobyl, atoomproeven, dioxine, DDT, BSE, genetische manipulatie, kappen van oerbossen enz. enz. Duizenden plant- en diersoorten zijn reeds uitgestorven, de oceanen vol olie-, atoom- en plasticafval, rivieren vergiftigd, grondwater vervuild, de bodem uitgeloogd, de lucht onzuiver, de ziel verkommerd en de geest afgestompt. En dat, terwijl alles in orde is?

De mens is het enige wezen dat afval produceert, afvalbergen op de aarde en zelfs in het heelal. Ik vraag me vaak af of deze misvattingen voor of achter de gesloten muren bestaan, of de daders voor of achter de tralies zitten, of de mens eigenlijk wel menswaardig is. De natuur is maatstaf. We hebben er maar één van. We zijn onderdeel van deze natuur. Hoe kan een deel beter zijn dan het geheel? Wie dat niet begrijpt, heeft buiten de waard gerekend. Wie niet doorgrondt dat alleen hij/zij in orde kan zijn die in orde leeft, moet de consequenties aanvaarden. Wie niet aanvaardt dat vrijheid alleen bestaat door acceptatie van onze levenschenkende natuurwetten en verantwoording eist, die bezigt een vrijheids idee-fix.

Het meest vrije wezen dat wij kennen is de kankercel. Die heeft zich letterlijk zelfstandig gemaakt. Heeft lak aan natuurwetmatigheden. Ze protesteert, dag in dag uit, ergens in een hoekje van ons lichaam, de aangenomen taak te doen. Ze stapt uit. Ze wil macht hebben, overwinnen, heersen. Het gaat haar goed af. Ze heeft een visioen van zelfverwerkelijking en onafhankelijkheid. Ze functioneert zoals alleen zij voor goed acht. Ze gaat de rechte weg om haar doel te bereiken: egoïstisch, doeltreffend, asociaal, immoreel, respect- en verantwoordingsloos. Ze ziet uitsluitend haar voordelen: voordelen ten koste van anderen. Ze vermeerdert zich en wordt sterker. Ze leeft pronkzuchtig en laat chaos achter. De kankercel heeft buiten de waard gerekend. Sterft de waard dan sterft ze eveneens. Dat is haar laatste leerproces.

De mens reduceert zich door zijn houding tot het niveau van een kankercel, een kankercel in zijn leefomgeving genaamd aarde. En dat terwijl in die mens het potentieel schuilt van kroon der schepping. Kunstmatig is geen vervanging voor natuurlijk, cultuur niet voor natuur, vooruitgang geen rechtvaardiging voor vernietiging, mode geen vrijbrief voor mateloosheid, geld geen garantie voor geluk, hebben geen alternatief voor zijn, intellect niet gelijk aan intelligentie en onwetendheid geen bescherming voor de consequenties.

Het beklemt me dat elke twee seconden een stuk oerwoud ter grootte van een voetbalveld omgehakt wordt; 80% daarvan verdwijnt in de productie van derderangs tijdschriften en reclame. Ik verwonder me vaak over volwassenen die, met sigaret tussen de lippen en GSM aan het oor, hun kinderen tot voorbeeld dienen. Ik begrijp niet waarom het toegestaan is dat spaarlampen een veelvoud aan toegestane computerbeeldscherm straling veroorzaken. Ik kan slechts mijn hoofd schudden over het gebruik van zeer giftig amalgaam in tanden en kiezen dat thuishoort bij het chemisch afval.

Woedend lees ik dat New York 650 uitgediende ondergrondse wagons in zee wil dumpen met als argument: “scheppen van nieuwe riffen en ideale biotoop voor scholen vis en mosselen”; de ware reden: geen schroothandel wil die asbesthoudende en gif bevattende relikwieën. 400 pantservoertuigen worden op gelijke wijze gedropt, nog 400 riffen erbij. Om van de 10.000 scheepswrakken maar te zwijgen: tankers, handelsschepen, oorlogsschepen, atoomonderzeeërs….helemaal te zwijgen van de vele miljoenen tonnen olie in zee door verongelukte schepen en boorplatforms.

Ik heb angst voor mensen die zoveel wapens maken dat ze daarmee onze aarde tienmaal kunnen vernietigen; men hoeft geen genie te zijn om te begrijpen dat éénmaal reeds éénmaal te veel is. Met mensen die voor het altaar tot God bidden en ondertussen God’s schepping tot vuilnisbelt maken heb ik enige moeite. Wanneer komt eindelijk de homo sapiens in beeld, een wijs mens, de kroon der schepping? Moeten wij dat voorstellen, wij, u en ik? Zoveel vertrouwen in ons? De talenten hebben we, waarom ontwikkelen we ze dan niet?

We staan op de evolutieladder op de hoogste tree, zijn de top van het maakbare, de trots van al wat leeft. We zijn veel meer dan we lijken, meer dan we leven, beter dan onze roep! Wanneer zal de schepping eindelijk trots kunnen zijn op zijn kroon? Gebruiken we onze kans, worden wij wakker, staan wij op voor het leven? Zorgen we ervoor dat deze mop geen werkelijkheid wordt: twee planeten ontmoeten elkaar in de ruimte. Zegt de ene: “jij ziet er belabberd uit.” Zegt de andere: “ik ben hartstikke ziek, ik heb homo sapiens.” Antwoordt de eerste: “Maak je maar geen zorgen, dat gaat vanzelf over.”

Mijn hobby is reptielen. Al 40 jaar wandel ik regelmatig door het warme landschap van de zuidalpen. Kärnten, Zuid Tirol en Tessin in de natuurgebieden van de Abruzzen en de Kroatische kust. Ik ken de biotoop van mijn salamanders en slangen precies, bestudeer die dieren, fotografeer ze en verheug me steeds op de veelheid aan soorten. Het prachtige groen van de statige smaragdhagedis, de bloedrode rugvlekken van de gracieuze luipaardslang en de markante zigzagband van de giftige vipern. Tientallen jaren heb ik deze dieren in grote getale waargenomen in deze afgelegen gebieden die men kennen moet en die niet door de doorsnee tourist bezocht worden. In het Gerölldal bij Kärntens of het Maggiadal in Tessin heb ik op gunstige dagen wel tot 50 zand- of aspisvipern kunnen bekijken, boven in de Julische alpen overeenkomstig vele kruisotters. In de laatste jaren loopt het aantal snel terug. Tegenwoordig moet ik uren zoeken om twee of drie dieren te vinden. Waaraan ligt dat?

Aan het landschap is nauwelijks iets veranderd, geen nieuwbouwgebieden, geen industrie, nauwelijks auto’s en niet meer boeren dan voorheen. Daartegenover sinds enige jaren, midden in de tot nog toe ongerepte natuur rijkelijk zendmasten. Slangen zijn op basis van hun lengte ideale antennes, perfect om te resoneren met de microgolven van deze zendmasten. Is dat de reden? Men hoeft geen slangenliefhebber te zijn om de mogelijk storende invloed op biologische processen te vermoeden. U mist ze waarschijnlijk niet, die slangen, maar mij, mij maakt dit droevig, voor mij zijn zij een deel van een grote volmaakte familie, deze familie genaamd “schepping”, en wie mijn familie iets aandoet die zal mij leren kennen….

Waarom hebben zoveel mensen kanker? Eén op de drie lijdt eraan en één op de vier sterft eraan, tendens stijgend ondanks alle medische “vooruitgang”. Niet alleen oude maar ook steeds meer jongere en nog jongere. Wat vertellen wij onze kinderen zolang deze race naar de afgrond nog verder gaat? Hoe lang willen wij nog wachten? Wat moet er nog meer gebeuren? Er moeten toch overeenkomsten zijn tussen kanker en de vele andere fatale ziekten. Overal dezelfde statistieken, amper onderscheid tussen de ernst en de mate van ziekzijn: in steden en op het platteland, in industriegebieden en in kuuroorden, met prima bronwater of gefilterd Rijnwater, in de Dolomieten of aan zee, bij ons en op andere continenten, als privé- of ziekenfondspatiënt. Wat kan de algemene veroorzaker zijn?

Een bevriend echtpaar leeft sinds hun jeugd op hun boerderij in de bergen bij Kärnten, ver weg van de herrie en de hectiek van onze beschaving. Er waren geen noemenswaardige ziekten. Die twee zijn omgeven door bloemenvelden, weiden en bos: frisse lucht, geen industrie, geen autoverkeer, optimale luchtionen, eigen schoon bronwater, verse salades uit eigen tuin, fruit vers van de boom of struik, alles onbespoten, zelfgebakken brood, zelfgekarnde boter, zelfgeslingerde honing, zelfgeplukte kruiden, thee van onbemeste weidebloemen, hout voor de kachel en de oven uit het bos. Ruimschoots lichamelijke beweging, nauwelijks cariës, geen amalgaamvullingen, eigen gebit, nooit geröntgend, vrijwel geen medicijnen, geen ernstige zonnebrand en ieder jaar drie weken vasten.

Vijfentwintig jaar geleden werden ze aangesloten op elektra en pas twintig jaar stromend warm water. Maar beiden hebben sinds ongeveer acht jaar kanker en beiden twee verschillende soorten, zij baarmoeder- en darmkanker en hij prostaat- en schildklierkanker. Wat ze tegenwoordig in de slaapkamer hebben delen ze met miljarden in stad en land: elektrische spanning in bed, tienvoudig als bij PC toegelaten; elektriciteit bij hun hoofdeinde waardoor de kompasnaald naar het zuiden wijst. Enige jaren terug hebben ze voor een verjaardag zo’n fijne DECT telefoon gekregen. Wat ze verder in huis hebben is ook normaal voor de meesten onder ons: overal hout met diverse impregneermiddelen bewerkt en geregeld geschuurd en opnieuw aangebracht. Daarnaast mottenpapier in de klerenkast, insectenspray en elektroverdamper tegen muggen, poeder en gifdoosjes tegen mieren. En dan die zwarte, bruine en groene schimmels aan de koele en chronisch vochtige buitenmuren en altijd de ramen dicht. Tot slot nog sinds enige jaren de nieuwe TV mast twee bergen verderop en de GSM zendmast op de heuvel tegenover hun huis.

Bouw- en woonbiologica is optimistisch en wil graag helpen belasting te reduceren en stress te voorkomen, daar waar ‘t het sterkst aanwezig is, waar sanering mogelijk is en (belangrijk) daar waar wij er zelf wat aan kunnen doen: in onze eigen woning. Bouw- en woonbiologica houdt zich niet bezig met symptoombestrijding, ze wil oorzaken wegnemen. Bouw- en woonbiologica wil iedereen toeroepen, het lot in eigen hand te nemen en niet af te wachten. Hoe minder hoe beter, vooral als het om langdurige belasting gaat. Voorkomen is beter dan genezen, want eenmaal gevoelig altijd gevoelig.

Wacht niet tot de overheid iets onderneemt, die kijkt tot het significant fout gaat gewoon de andere kant uit. Verwacht ook niks van de wetenschap, die praat in haar eigen straatje en tegen de tijd dat zij het eens worden is er al veel leed veroorzaakt (zie asbest etc.). Bouw- en woonbiologica begint in de hoofden en harten van experiment-vriendelijke en intelligente mensen. Het betekent een goed deel van uw gezondheid, vitaliteit en levenskwaliteit.

Bouw- en woonbiologica betekent achting voor de schepsels met dank aan de natuur. Vaak mengt zich bij mij het vreugdegevoel over geslaagde saneringen, als bewijs voor de terecht ingeslagen weg, met enige treurnis omdat ik vermoed hoeveel mensen nog onnodig lijden onder de makkelijk te vermijden belasting. Het is zo eenvoudig. Negentig procent van deze belastende omstandigheden is zonder hoge kosten en met eenvoudige maatregelen te verhelpen. Dat kost de industrie geen omzet, integendeel er kunnen nieuwe producten ontwikkeld worden, nieuwe markten ontdekt. Ook politiek is dit niet in tegenspraak met het heersende beleid, of gebrek aan beleid. Wij verwachten niks absurds, wij kunnen werkelijk onze levenskwaliteit verbeteren.

Albert Einstein zei: “Problemen zijn niet met dezelfde denkwijze op te lossen als die ze veroorzaakt heeft”. Er zijn veel ongezonde en ziekmakende dingen: kunstmatig voedsel, te weinig beweging, te veel medicamenten, stralingsgolven in de hersenen, zware metalen in de mond, gif in de natuur, een bedrukte ziel, macht, lust, vrekkigheid….en de arrogantie om te geloven dat de manier waarop wij civilisatie beleven de maatstaf aller dingen is.

Vijftig procent van alle zoogdieren – ook mensen zijn zoogdieren – is verdwenen of staat op het punt van uitsterven. Eén op de vijf is psychisch ziek, één op de vier heeft een allergie. Eén op de drie gebruikt slaapmiddelen, één op de drie heeft een beschadigd immuunsysteem. Eén op de twee heeft voortdurend ergens pijn, één op de twee neemt regelmatig chemische medicijnen, slaapt slecht, is ongelukkig….GENOEG!!!

“Jongen!”, hoor ik uit de verte mijn moeder roepen. Ik open mijn ogen. In de woonkamer geurt het naar vers gebakken appeltaart. Moeder glimlacht, schudt haar hoofd en een vermanend wijsvingertje zegt: “hoe kan je nu slapen terwijl je gasten hebt, je werkt teveel. Ik hoop wel dat je mooi gedroomd hebt”. Heb ik dat?

Overgenomen uit WOHNUNG+GESUNDHEIT, nummer 59, 1991 en nummer 136, 2010
met toestemming van BAUBIOLOGIE MAES,
© Wolfgang Maes,
Schorlemerstr. 87,
41464 Neuss,
Telefon 02131/43741,
Fax 44127,
www.maes.de,


Ga terug naar het hoofdmenu
Afdrukken | Vragen | RSS | Disclaimer